Een besturingselement waarmee de gebruiker foto's kan maken met behulp van de camera van het apparaat.

Beschrijving

Als u dit besturingselement toevoegt, kan de gebruiker een gegevensbron bijwerken met een of meer foto's, vanaf elke locatie waar de app wordt uitgevoerd.

Belangrijkste eigenschappen

Camera: op een apparaat dat meerdere camera’s heeft, is dit de numerieke id van de camera die door de app wordt gebruikt.

Aanvullende eigenschappen

BorderColor: de kleur van de rand van een besturingselement.

BorderStyle: hiermee wordt aangegeven of de rand van een besturingselement effen, onderbroken of gestippeld is, of dat er geen rand is.

BorderThickness: de dikte van de rand van een besturingselement.

Brightness: hoeveel licht de gebruiker waarschijnlijk in een foto waarneemt.

Contrast: hoe gemakkelijk de gebruiker vergelijkbare kleuren in een foto kan onderscheiden.

Disabled: hiermee wordt aangegeven of de gebruiker al dan niet met het besturingselement kan werken.

Height : de afstand tussen de boven- en onderrand van een besturingselement.

OnSelect: de manier waarop de app reageert wanneer de gebruiker op een besturingselement tikt of klikt.

OnStream: hoe de app reageert wanneer de eigenschap Stream wordt bijgewerkt.

Photo: het beeld dat wordt vastgelegd wanneer de gebruiker een foto maakt.

Stream: automatisch bijgewerkte foto op basis van de eigenschap StreamRate.

StreamRate: hoe vaak de foto in de eigenschap Stream wordt bijgewerkt, in milliseconden. Dit kan een waarde tussen 100 (1/10e van een seconde) tot 3.600.000 (1 uur) zijn.

Tooltip: beschrijvende tekst die wordt weergegeven wanneer de gebruiker een besturingselement aanwijst.

Visible: hiermee wordt aangegeven of een besturingselement zichtbaar of verborgen is.

Width: de afstand tussen de linker- en rechterrand van een besturingselement.

X: de afstand tussen de linkerrand van een besturingselement en de linkerrand van de bovenliggende container (het scherm als er geen bovenliggende container is).

Y: de afstand tussen de bovenrand van een besturingselement en de bovenrand van de bovenliggende container (het scherm als er geen bovenliggende container is).

Zoom: het percentage waarmee een foto van een camera wordt vergroot of de weergave van een bestand in een PDF-viewer.

Verwante functies

Patch( Gegevensbron, Basisrecord, Wijzigingsrecord )

Voorbeeld

Foto's toevoegen aan een besturingselement Afbeeldingengalerie

  1. Voeg een besturingselement Camera toe, geef het besturingselement de naam MijnCamera en stel de eigenschap OnSelect in op deze formule:
    Collect(MijnAfbeeldingen, MijnCamera.Photo)

    Weet u niet hoe u een besturingselement kunt toevoegen, een naam kunt geven of kunt configureren?

    Wilt u meer informatie over de functie Collect of andere functies?

  2. Druk op F5 en maak een foto door op MijnCamera te klikken of te tikken.

  3. Voeg een besturingselement Afbeeldingengalerie toe en pas het formaat van het besturingselement Afbeeldingen van de galerie, de sjabloon en het besturingselement Afbeeldingengalerie zelf aan zodat deze op het scherm passen.

  4. Stel de eigenschap Items van het besturingselement Afbeeldingengalerie in op deze expressie:
    MijnAfbeeldingen.Url.

  5. Stel de eigenschap Items van het besturingselement Afbeelding in de galerie in op deze expressie:
    ThisItem.Url

    De foto die u hebt gemaakt, wordt weergegeven in het besturingselement Afbeeldingengalerie.

  6. Maak zo veel foto's als u wilt en ga vervolgens terug naar de standaardwerkruimte door op Esc te drukken.

  7. (Optioneel) Stel de eigenschap OnSelect van het besturingselement Afbeelding in het besturingselement Afbeeldingengalerie in op Remove(MijnAfbeeldingen, ThisItem), druk op F5 en klik of tik op een foto om deze te verwijderen.

Gebruik de functie SaveData om de foto's lokaal op te slaan of de functie Patch om een gegevensbron bij te werken.